tedvanlieshout.nu

schrijver, dichter, beeldend kunstenaar

Annie M.G. Schmidtlezing 2013 (1)

with 2 comments

2eklasmetjurkWEB

Op 22 mei vond in Leiden de veertiende en laatste Annie M.G. Schmidtlezing plaats, die de titel meekreeg: Kinderen kunnen de pot op! Deze week fragmenten uit die lezing, die veel te lang is om in zijn geheel in één keer online te zetten. De hele lezing zal in het zomernummer van Literatuur Zonder Leeftijd te lezen zijn.

Joris Jan Bas uit Koog aan de Zaan
trok op een ochtend een jurkje aan.

Toen ging hij naar school met een strik in zijn haar
en alle kinderen pestten hem daar.

Kan me niet schelen, riep Joris Jan hard
Ik ben tenminste een beetje apart

niet zo gewoon als de rest van de klas.
Nou zeg, die durfde, die Joris Jan Bas!

De volgende ochtend in Koog aan de Zaan
had iedere jongen een jurkje aan,

behalve een jongen met haar groen als gras.
Je mag drie keer raden wie of dát nou was!

In een bespreking in NRC Handelsblad van mijn boek Wij zijn bijzonder, misschien zijn wij een wonder schreef Thomas de Veen: ‘Jurkenjongen Joris Jan wordt in de door Van Lieshout zelf gemaakte illustratie verbeeld door de jonge Ted in gephotoshopte jurk, een voorbeeld van hoe de kunstenaar Van Lieshout in zijn werk altijd voorop staat.’
Je kunt uren twisten over de formulering van die zin, maar hij ging over mij en ík proefde er een reprimande in. Nu leer je als boekenmaker al heel gauw dat je nóóit moet reageren op recensies – en dat heb ik ook niet gedaan – maar hem als aanleiding nemen voor een beschouwing kan wel, niet in het minst omdat ik Thomas waardeer en bewonder.
Stá ik in mijn werk voorop? Ja. En nee. Dat jongetje op die foto ben ik en ik sta vooraan. Maar waarom kijkt u naar dát jongetje en niet naar de andere jongens op de voorgrond?
Petro laat trots zijn horloge zien, en Harry draagt zelfverzekerd de te grote broek van zijn oudere broer. Dat jongetje tussen hen in valt alleen maar op omdat ik hem een jurkje heb aangetrokken. Maar ik had in het echt helemaal geen jurkje aan. En het versje gaat niet over Ted van Lieshout uit Eindhoven, maar over Joris Jan Bas uit Koog aan de Zaan.
En trouwens, wie vindt dat ik te veel op de voorgrond sta moet mij niet uitnodigen voor een lezing, en er al helemaal niet naartoe komen. – Dat u er allemaal bent stel ik zeer op prijs, maar ik zie ook wel dat de rest van de wereld is weggebleven, en de reden daarvoor kan inderdaad best zijn: niet wéér Van Lieshout voorop!
Dat u bent gekomen – voor mij! – doet mij goed. En daarom ga ik het hebben over mezelf. Ik heb het nooit over mezelf, behalve in deze lezing. Deze hele lezing gaat over mij. Vanwege die bespreking in de krant. Om Thomas te pesten. Om inzicht te geven in mijn drijfveren. Om te laten zien waarom de boeken die ik maak zijn zoals ze zijn. Omdat ik duidelijk wil maken dat ik in mijn werk nooit voorop sta, behalve meestal. Maar ik ben het niet écht. Echt niet! Echt wel!

Ik ben vergeten of ik zelf op de eerste rij ging staan toen deze klassenfoto werd gemaakt of dat ik er móést staan. Ik weet wel waarom ik de foto heb uitgekozen bij het versje dat ik zojuist voorlas. Deze foto zat in het archief dat ik in mijn hoofd heb en dat ik raadpleegde toen ik nadacht over hoe ik dit versje wilde illustreren. Ik zocht naar een mogelijkheid om een jongetje in een jurk te laten zien, zonder dat het lachwekkend werd. Je ziet metéén dat er een jongetje met een jurkje tussen staat. Of je ziet het helemaal niet. Eerst. Tot je opvalt dat er alleen maar jongens op de foto staan. Het is de tweede klas (groep vier) van juf Coppes; ik zat beginjaren zestig op een katholieke jongensschool en de meisjesschool stond aan het andere einde van de straat. Als er meisjes bij gestaan zouden hebben was dat kind in die jurk niet opgevallen en dan was ik niet op het idee gekomen om deze foto te gebruiken.
Ik had ook een zogenaamde stockfoto kunnen nemen, een anonieme foto uit een vergaarbak zoals je die op de omslagen van romans ziet, maar dat beeld had dan niets te maken gehad met het versje en was er alleen bijgesleept omdat er nu eenmaal een plaatje bij moest. Dan was het bovendien geen illustratie geweest en al helemaal niet één van mij.
Ik had ook een tékening kunnen maken van een jongetje in een jurk, maar dan zou het te lollig geworden zijn. Nee, deze foto vond ik perfect om uit te beelden dat één kind anders is. Nu had ik mezelf de vraag kunnen stellen: welk van deze jongens trek ik een jurkje aan? Petro met zijn horloge? Dat kón toch niet? Straks stond de echte Petro bij mij aan de deur met het verwijt: waarom heb jij mij na al die jaren voor gek gezet door mij nota bene in een openbaar boek een jurk aan te trekken? Ik heb geen moment overwogen om dat een ander jongetje uit mijn vroegere klas aan te doen. Ik heb mezelf gebruikt. Ja, ik heb mezelf letterlijk en figuurlijk naar voren geschoven. Niet om in mijn werk op de voorgrond te staan, maar om een illustratie te maken die paste bij wat ik in mijn hoofd had.
Het versje schetst een jongetje dat een jurk aantrekt en andere jongens doen dat na. Helemaal geen probleem. De verdieping, die ik wel degelijk voor ogen had, heb ik niet in het versje gestopt, maar in de illustratie. In plaats van een vrolijke tekening te laten zien van een jochie in een jurk heb ik de tragiek van een kind dat anders is uitgebeeld aan de hand van een jongensklas. Dat de meeste mensen denken dat daar écht een jongetje staat met een jurkje aan, maakt de illustratie in mijn ogen geslaagd: ik kan best goed photoshoppen, al zeg ik het zelf. Maar het ís een illustratie en geen echte foto. Ik ben het wel, maar ik ben het niet écht. Ik ben het in zoverre, dat ik me kwetsbaar heb opgesteld door mezelf te gebruiken. Misschien zelfs te misbruiken, want als ik mezelf destijds had gevraagd of ik in een jurkje in een boek wilde, was ik hoogstwaarschijnlijk gillend weggerend.

(Wordt vervolgd)

Written by Ted

26 mei 2013 bij 11:12

Geplaatst in Diversen

2 Reacties

Subscribe to comments with RSS.

  1. Een fijne reactie, van Herman Verschuren, staat op zijn eigen weblog:
    http://overlezenenschrijven.blogspot.nl

    Ted

    27 mei 2013 at 14:57

  2. Geweldig blog heeft Herman! Oh, en wat ben ik blij dat ik hier toch een beetje kan mee genieten met jou/over jou/over gelukkig-worden-met-boeken-maken. Had ik je maar beter leren kennen, toen bij die expo van ‘Lees je knetter’ (weet je nog?). Ik ben al die jaren daarna veel te bang geweest. Dus piepklein gebleven. Hoop dat ik niet te laat ben met mezelf onder m’n kont te schoppen. Héél erg bedankt voor jouw zijn en voor deze lezing.


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: