tedvanlieshout.nu

schrijver, dichter, beeldend kunstenaar

Welke woorden gebruiken kinderen?

with 4 comments

poep_psychisch-e1472396397513Voor een bevriende arts-auteur ben ik op zoek naar medisch taalgebruik van kinderen en jongeren. Hij stelde de vraag aan mij, in de veronderstelling dat ik daar inzicht in heb, maar ik werk niet mét kinderen. Ik heb werkelijk geen idee welke termen tegenwoordig door de jeugd worden gebruikt, in spreektaal en/of in schrijftaal.

Wie kan het lijstje hieronder helpen invullen? Alvast dank!

Medische kindertaal, de taal die kinderen of jongeren (zouden) gebruiken

Enkele categorieën met voorbeelden

Ø  Lichaamsdelen
–       voorbibs
–       plasser
–       tussenteentjes
–       poeper

Ø  Lichaamsfuncties

Ø  Lichaamssappen/uitscheidingsproducten

Ø  Klachten/verschijnselen

Ø  Ziekten/afwijkingen

Ø  Ziekteverwekkers/-oorzaken
–       gemene cellen

Ø  Onderzoekmethoden

Ø  Behandelwijzen

Written by Ted

10 januari 2017 bij 07:21

Geplaatst in Diversen

4 Reacties

Subscribe to comments with RSS.

  1. Leuk om hier eens over na te denken (en dan vooral te beseffen hoe vaak je zelf een ‘moeilijk woord’ tegen een kind zegt). Ik werk binnen de kinderoncologie, als onderzoeker en als arts op de polikliniek. Een eerste schot voor de boeg, wellicht volgt er meer.

    Lichaamsdelen en functies redelijk gelijk aan volwassenen (m.u.v. bv piemel, plasser, poepgat).

    Klachten/verschijnselen idem, alleen zijn mn jonge kinderen vaak minder goed/precies in beschrijven (dus gewoon “au in been” of “pijn in been” in plaats van “stekende pijn aan de buitenkant van mijn kuit”).

    Ziekten/afwijkingen / ziekteverwekkers/-oorzaken
    – ziek zijn (alles dekkende term, bij ons ook vaak gebruikt om kanker mee aan te duiden: “Had je ook al pijn in je benen voordat je ziek werd?”)
    – kanker of tumor (kinderen bij ons op de poli kijken hier over het algemeen niet van op en zeggen dit zelf ook)
    – slechte cellen (leukemie-/tumor-cellen)
    – beestjes (gebruiken kinderen soms om bacteriën mee aan te duiden, pas ik zelf altijd wat mee op omdat sommige kinderen erg bang worden van het idee dat er “beestjes in hun longen zitten” (longontsteking))

    Onderzoekmethoden
    – spierballen meten (bloeddruk meten (risisco is wel dat kinderen bij deze bewoording even flink de spierbal aanspannen, wat de meting niet echt ten goede komt))
    – prikje in je vinger (bloedprik lancet), prik in je arm (venapunctie), prik in je arm met een slangetje (infuus)
    – toverzalf (EMLA-zalf, verdooft een aanprikplek)
    – bananenspray (lidocaïne-spray, verdooft een aanprikplek)
    – ruggeprik (lumbaalpunctie)
    – slapen (narcose)

    Behandelwijzen
    – chemokaspers (chemotherapie, naar “Chemo-Kasper en zijn jacht op slechte kankercellen”, boekje van de VOKK (wellicht staan hier ook nog goede woorden in))
    – radio-robbie (bestraling, ook een boekje)

    Zie vast een hoop over het hoofd. Zal de volgende keer op de poli mijn oren even open houden, mocht ik iets oppikken kom ik hier terug.

    Erik

    10 januari 2017 at 15:06

  2. Wat een fijne reactie, Erik! Hartelijk dank!
    Ik zie dat de manier waarop arts en kind met elkaar praten tot op zekere hoogte gewoon wordt bepaald door terminologie die door de arts of verpleegkundige wordt aangedragen. Lijkt me ook logisch. Waarschijnlijk zullen kinderen in onderlinge gesprekken niet heel specifiek afwijken in hun terminologie.

    Ik weet nog wel dat ik als kind (zo’n 55 jaar geleden) onderzeil werd gebracht met een grote kast waaruit een olifantenslurf/stofzuigerslang kwam en degene die mij onder narcose bracht zei dat ze er een beetje eau de cologne in gingen doen. Toen ik wakker werd riep ik woedend: het was helemaal geen eau de cologne!

    Ted

    10 januari 2017 at 15:43

  3. Geen dank. Schiet me net te binnen dat kinderen wel vaak op een erg creatieve manier hun gevoel omschrijven. Bijvoorbeeld “wollig in mijn hoofd” als ze zich afwezig voelen; het naar mijn idee een wat concretere naam geven waar volwassenen het denk ik vaker bij een abstract begrip laten (“afwezig” of “onrustig gevoel”). Bijzonder voorbeeld was een patiëntje die laatst het gevoel wat dexamethason gaf (medicijn wat forse invloed heeft op stemming, slaap-/eetgedrag en meer) omschreef als “ik voel me als een fles cola waarin een mentos is gegooid”, vast en geïnspireerd door één van de YouTube filmpjes hierover.

    Bijzonder dat dat over de narcose zo goed bijgebleven is, dat soort situaties maken indruk op een kind (als 7 jarige heb ik narcose gehad en ik herinner me als de dag van gisteren een erg karnemelk-achtige smaak en een gedoemd-te-mislukken-poging tot 10 te tellen). Het laat ook zien dat een kind niet altijd snapt, maar wel heel goed oppikt wat er gezegd wordt. Hier moet je soms ook mee oppassen; niet lang geleden hoorde ik het verhaal over een kind die bij zijn/haar overleden opa was geweest, vroeg wat er met opa was waarop een volwassene (ongetwijfeld met de beste bedoelingen) zei: “Opa slaapt.”, waarna dat kind een tijd lang niet meer goed durfde te gaan slapen.

    Erik

    10 januari 2017 at 16:26

  4. Bijzonder dat ‘men’ denkt dat een (o.a.) jeugdboeken schrijver weet hoe kinderen praten. Volgens mij hangt dat heel erg af van hoe hun thuisfront over dingen praat.
    Over het algemeen zijn kinderen volgens mij heel goed in staat om ‘volwassen’ praat te begrijpen en te interpreteren.
    Dus artsen e. a. praat met kinderen in eenvoudige maar volwassen termen. Dat doe ik als kinderboeken schrijver ook. En dikwijls begrijpen kinderen beter waar ik over schrijf dan volwassenen.

    thea dubelaar

    11 januari 2017 at 01:36


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: